Het is een dooddoener maar de zwakste schakel bepaalt altijd de prestatie en bevindt deze zich steeds vaker
onderin de architectuur, daar waar alles opgeslagen wordt. Aandacht is
er wel voor de functionele aspecten maar er wordt vergeten dat meten
weten is en gissen niet zelden missen. Juiste keus wordt niet alleen
bepaalt door de capaciteit in terabytes maar vooral door het aantal
lees- en schrijf bewerkingen per seconde (IOPS).
Prestatie van één disk wordt vaak weergegeven in de uitkomst van een
berekening tussen toeren, gemiddelde latency en zoektijd. Wanneer
individuele disken samengevoegd worden in een logisch volume dan kunnen
deze IOPS bij elkaar opgeteld worden. Dus hoe meer disken in een array
hoe beter de prestatie, waarbij er afhankelijk van raid-level wel
correcties gemaakt moeten worden. Prestatie van het ijzer, de backend,
is dus vooral een rekensom die meestal nog wel gemaakt wordt door de
leverancier. We kunnen dus met formules in Excel de prestaties aan de
onderkant oftewel de backend IOPS vergelijken.
Onderste steen boven
Maar het gaat natuurlijk om de bovenkant, de frontend IOPS die
uiteindelijk de prestatie van een applicatie bepaalt. Services hebben nu
eenmaal verschillende karakteristieken en zo stelt een database dus
hele andere eisen aan de opslag dan een vdi-oplossing. Naast lees- en
schrijfbewerkingen moet ook rekening gehouden worden met de doorvoer.
Deze is niet alleen afhankelijk van storage protocollen zoals blockbased
I/O en filebased I/O maar ook van de blocksize.
Juiste keuze is
hier dus afhankelijk van de behoefte die soms door
applicatieleveranciers gegeven wordt maar meestal gemeten moet worden.
Toch ontbreekt het vaak aan informatie vanuit de infrastructuur om
capaciteitsmanagement, probleemmanagement en financieelmanagement van de
juiste gegevens te voorzien. Opmerkelijk want er is geen tekort aan
gereedschappen om deze informatie te verkrijgen. Wel ontbreekt het aan
vakmanschap waardoor de blokken in de architectuur steeds vaker ‘black
boxes' worden.
Meten is weten
Hulpmiddelen als SQLIO en IOmeter kunnen in combinatie met
bijvoorbeeld SQL-profiler en performance monitor hierbij helpen. Maar
bezint eer ge begint is helaas niet meer de wijsheid die betracht wordt
en dus wordt meten pas weer in de planning opgenomen als het zwarte
pieten al is begonnen. Technisch beheer is misschien ondergewaardeerd
maar nog steeds een vak dat voorkomt dat gebruikers van het kastje naar
de muur gestuurd worden.
Hierbij is het ook niet onbelangrijk dat
er met een helikopterview naar de prestatie van ketens gekeken wordt.
Dit betekent dat naast een toolset voor testen en monitoren ook kennis
van de architectuur nodig is om de verkregen gegevens naar waarde te
kunnen beoordelen. Een goede analyse vooraf voorkomt niet alleen
verrassingen maar ook onnodige investeringen en de dure migratiekosten
achteraf. Te vaak ontbreekt echter een norm waaraan gerefereerd kan
worden en blijven klachten over teruglopende prestaties in ketens vaag.
Return of investment
Zo bleek bij een klant dat een applicatie intensief gebruik maakte
van de pagefile via memory-mapped file I/O. Met een hoge pagefile
activiteit werd dus, keurig zoals geleerd op cursus, het geheugen
uitgebreid in combinatie met een wijziging in het besturingssysteem om
dit alles te kunnen adresseren. Dat gaf echter geen enkel positief
effect omdat de oplossing lag in het decentrale disk subsysteem, waar
een simpele JBOD-configuratie zorgde voor de prestaties die nodig waren.
Ook
eenvoudige database-aanpassingen kunnen zorgen voor een efficiënter
gebruik en de response van de keten ten goede komen. Zoals prestatie
verbetering van een crm-applicatie met 40 procent door indexen en
storage protocollen te optimaliseren, waardoor andere applicaties meer
ruimte kregen. Maar ook na inrichting zal men moeten blijven kijken naar
mogelijke optimalisaties want er zijn in de it geen ‘set and forget'
oplossingen. Wederom ontbreken ook hier niet de middelen om dit te doen,
maar worden ze veelal nog niet of verkeerd gebruikt.
Maatpak of confectie
Tussen bovenkant en onderkant zit de box van de leverancier die alles
bij elkaar lijmt tot een oplossing. Hierbij lijkt, net als cloud, de
term san tegenwoordig een kapstokbegrip te worden waardoor er nauwelijks
verschil gemaakt wordt tussen blockbased (san) en filebased (nas)
oplossingen. Nu convergeren beide technologieën weliswaar en kunnen
hybride in dezelfde box gebruikt worden wat ook geldt voor het mengen
van sas-, sata- en ssd-schijven.
Functionele mogelijkheden worden vooral
bepaald door de software, diee niet zelden afhankelijk zijn van
bijkomende licenties. Zoveel leveranciers, zoveel verschillende
oplossingen zorgt ervoor dat juiste keus uiteindelijk altijd maatwerk
is, net als de inrichting. Toch wordt nog verrassend vaak hier te licht
over gedacht en worden uiteindelijk vierkante blokken door ronde gaten
geslagen, wat dus vroeg of laat gaat knellen.
Zie ook de bijbehorende presentatie over dit onderwerp
Geen opmerkingen:
Een reactie posten